Wie een website wil, komt al snel de woorden “hosting” en “server” tegen. Maar wat betekenen ze precies? Een heldere uitleg zonder onnodig jargon.
Wat is een server?
Een server is in de kern gewoon een computer, maar dan een die dag en nacht draait en is ingericht om gegevens te leveren aan andere computers. Vraag je in je browser een website op, dan stuurt jouw apparaat een verzoek naar de server waar die website staat. De server stuurt de pagina terug, waarna je browser die toont. Een server kan één website huisvesten of er duizenden tegelijk bedienen, en staat doorgaans in een beveiligd datacenter met een snelle, betrouwbare internetverbinding. Over domeinnamen en het beheer van de .nl-zone gaat de stichting SIDN.
Wat is hosting?
Webhosting is de dienst waarbij je ruimte op zo’n server huurt om je website of applicatie op te plaatsen. In plaats van zelf een server te kopen en te beheren, betaal je een hostingbedrijf dat de apparatuur, de verbinding, de beveiliging en het onderhoud verzorgt. Zo is je site bereikbaar voor bezoekers, zonder dat je zelf technische infrastructuur in huis hoeft te hebben. Voor de meeste particulieren en kleine bedrijven is dat verreweg de praktischste oplossing.
Verwar hosting niet met je domeinnaam. De domeinnaam (zoals voorbeeld.nl) is het adres; de hosting is het “gebouw” waar de website daadwerkelijk staat. Beide heb je nodig, en ze worden vaak los afgenomen — soms zelfs bij verschillende aanbieders.
Soorten hosting
Er zijn verschillende vormen, oplopend in capaciteit en prijs. Bij shared hosting deel je een server met veel andere websites; dat is goedkoop en geschikt voor kleine sites. Een VPS (virtuele privéserver) geeft je een afgeschermd, gegarandeerd deel van een server met meer controle en prestaties. Een dedicated server is volledig van jou. Daarnaast is er cloudhosting, waarbij capaciteit flexibel meegroeit met de drukte, zodat je site ook een piek aankan. De juiste keuze hangt af van hoe groot en druk je site is.
Hoe een website wordt gevonden: DNS
Achter de schermen zorgt het Domain Name System (DNS) ervoor dat een domeinnaam wordt vertaald naar het adres van de juiste server. Typ je een adres in, dan zoekt DNS razendsnel op welke server bij dat domein hoort, waarna de verbinding tot stand komt. Het is te vergelijken met een telefoonboek dat namen aan nummers koppelt. Je merkt er in de praktijk niets van, maar zonder DNS zou het web onwerkbaar zijn.
Waar let je op bij het kiezen?
Belangrijk bij het kiezen van hosting zijn snelheid, betrouwbaarheid (uptime), opslagruimte, de kwaliteit van de klantenservice en of er automatische back-ups, een SSL-certificaat en beveiliging inbegrepen zijn. Voor de meeste kleine websites volstaat een betaalbaar shared- of cloudpakket ruimschoots. Let ook op de mogelijkheid om mee te groeien, zodat je later kunt opschalen zonder van aanbieder te wisselen. Veel van de fysieke apparatuur waarop dit draait, kent overigens een tweede leven; zie ons artikel over hergebruik van hardware.
Wat is “de cloud” eigenlijk?
De term “cloud” klinkt vaag, maar er zit niets zweverigs achter: het zijn gewoon servers, alleen niet één enkele machine op één plek. Bij cloudhosting draait je website of applicatie op een netwerk van gekoppelde servers, vaak verspreid over meerdere datacenters. Dat heeft twee praktische voordelen. Ten eerste kan de capaciteit flexibel meegroeien: krijgt je site plots veel bezoek, dan wordt er automatisch extra rekenkracht bijgeschakeld, en zakt de drukte weer, dan schaalt het terug — je betaalt zo naar gebruik. Ten tweede is de dienst betrouwbaarder, omdat het uitvallen van één server wordt opgevangen door de andere. Voor bedrijven met wisselende of onvoorspelbare drukte is dat aantrekkelijk; voor een kleine, stabiele website is een eenvoudig pakket vaak nog altijd voldoende en goedkoper.


